Ons profiel
1. Inleiding
Bijzonder
De Berkelier is niet zomaar een school. We zijn een bijzondere school omdat we een Christelijke school zijn. Maar we zijn ook bijzonder omdat we onze kinderen iets extra’s mee willen geven. We willen dat onze leerlingen verder kunnen komen in de wereld, dat ze zich “thuis voelen in de wereld”, nu en straks. We hebben met elkaar nagedacht over dit extra, waarom we dit willen en hoe we dit kunnen vormgeven in onze school. Vanuit zes aspecten van de schoolorganisatie hebben we daar naar gekeken.
We hebben ons afgevraagd:
- Wat is het eindprofiel van een leerling die na acht jaar de Berkelier verlaat?
- Hoe draagt onze werkcultuur daar aan bij?
- Welke hoogtepunten in ons onderwijs vormen een belangrijke bijdrage aan de ideale vorming van de leerling?
- Met welke buitenschoolse partners willen we dit realiseren?
- Welke eisen stelt dit aan de inrichting van het schoolgebouw?
- Welke speciale kwaliteiten vraagt dit van ons, als leerkrachten?
Deze profielschets geeft de antwoorden op die vragen weer. Niet alles wat er in staat is nu reeds werkelijkheid. In die zin is het een toekomstgericht document; het geeft richting aan ons werken in de komende jaren.
Er is nog een reden om na te denken over het profiel van onze school. De Berkelier krijgt nieuwbouw; hoe, waar en wanneer is nog niet helemaal duidelijk. In de wijk gaat ook veel veranderen. Veel is onzeker. Om niet geheel een speelbal van de ontwikkelingen te zijn, is dit een goed moment om na te denken over de vraag waar wij als Berkelier voor staan; hoe we verder willen en welke eisen dit aan onze nieuwe gebouw stelt.
2. Ons profiel: thuis in de wereld
De ‘wereld’ klinkt wel erg groot en veel omvattend, maar in ons idee, start de wereld direct rondom het kind en wordt van daaruit groter. De wereld loopt van thuis, de klas, de buurt, de stad, het land tot wereldwijd. Thuis kan het bij ieder kind anders zijn, maar het gemeenschappelijke van de klas, de school, de buurt, de stad ed. willen we vooral benadrukken. Daar zijn we allemaal thuis.
Je thuis voelen betekent ook: er bij horen en medeverantwoordelijk mogen zijn. In onze schoolzeggen we daarom: samen zijn we één schoolgemeenschap, jij hoort erbij, je mag er in alle opzichten aan deelnemen en je bent er ook medeverantwoordelijk voor.
Onze kinderen groeien op in een stedelijke omgeving; de wereld die ze vooral leren kennen is dus een stedelijke, volgebouwde omgeving. We zien echter hoe zeer ze genieten als ze buiten in de natuur zijn en hoe zeer ze geboeid zijn door planten en dieren.
In het onderwijs in de Berkelier willen we dit aspect van de wereld extra aandacht geven. Dit sluit niet alleen aan bij de belangstelling van de kinderen maar ook bij wat in onze christelijke traditie ‘rentmeesterschap’ wordt genoemd: Zorgdragen voor de wereld om je heen, en je er medeverantwoordelijk voor voelen.
We gaan ervan uit dat: wat je niet kent, daar kan je niet van houden. En waar je niet van houdt, daar kan je niet voor zorgen. Dus besteden we extra aandacht aan het leren kennen van de natuur, in de wijk en in de omgeving. We halen het in school of we gaan er heen! We vinden het belangrijk dat onze kinderen veel leren over de wereld en leren zien dat die wereld de moeite waard is. We willen met de kinderen vooral veel leren en genieten van alle mooie dingen om ons heen: met name van de natuur.
Leren met hoofd, hart en handen
Een ander belangrijk argument voor ons profiel is dat het onze kinderen de gelegenheid geeft om te leren met alle zintuigen én door te doen.
We denken dan bijvoorbeeld aan: werken in de schooltuin en dan van de oogst met elkaar een lekkere salade maken voor ouders die we uitnodigen in ons kinderrestaurant. Daar leren kinderen van: door te kweken, te studeren over de gewassen, door recepten te lezen en te maken, door te bedienen en samen te werken. Dat noemen we leren met je hoofd, je hart en je handen.
Belangrijk vinden we dat onze kinderen zich verbonden voelen met de wereld, in school, in de buurt en verder weg.
Maar ook met elkaar! Daarom willen we in school de successen vieren met elkaar. We willen samen zingen en dansen. Het versterkt het gevoel van saamhorigheid en van samen met plezier iets moois neerzetten.
2.1. Hoogtepunten
We willen dat onze kinderen veel leren en dat willen ze zelf ook. Maar je leert beter als jezelf actief mee doet. Alles wat we in het onderwijs willen bereiken, start bij de motivatie van de leerlingen om mee te willen doen. Daarom plannen we regelmatig thema’s en activiteiten die kinderen uitdagen tot optimale inzet. Die gezien kunnen worden als hoogtepunten in ons onderwijs.
Meer doen met minder
De lijst van hoogtepunten zoals we die met elkaar bedachten is een opsomming van mogelijkheden. Iets kan nooit een hoogtepunt worden, wanneer het even snel afgeraffeld wordt. Het vraagt om tijd en aandacht en dus moeten er keuzes gemaakt worden. We kunnen niet alles. Ons uitgangspunt daarbij is dat we niet meer willen doen, maar beter. We willen meer doen met minder. En in toenemende mate willen we de kinderen actief betrekken bij de realisering ervan.
In de hoogtepunten is ons uitgangpspunt ’thuis in de wereld’ terug te vinden. We zoeken naar mogelijkheden om de kinderen aan elkaar, aan mensen binnen en buiten de school en aan de omgeving, de natuur en tenslotte aan verder weg te verbinden.
Mogelijke hoogtepunten:
Vieringen:
Ze dragen bij aan het gemeenschapsgevoel, aan het thuis zijn in school.bijvoorbeeld
- kerstdiner
- paasontbijt
- sinterklaasfeest
- multicultureel feest
- maandsluiting
- schoolreis en schoolkamp
- het afscheid van groep acht
- een actie voor een goed doel
Gasten in de klas:
- Mensen die de kinderen veel kunnen vertellen over hun ervaringen en deskundigheid. We vinden het belangrijk dat kinderen niet alleen leren van hun juf of meester, maar juist ook van mensen van buiten de school, van ouders en anderen. Samen met de kinderen nodigen we hen uit en bereiden hun komst zorgvuldig voor.
- mensen die verre reizen hebben gemaakt en over de wereld
- mensen die al oud zijn en over vroeger vertellen,.. over de oorlog, over de school, de wijk, …
- mensen die over hun beroep vertellen: piloot, loodgieter, metselaar,..
- mensen die van “natuur” hun beroep hebben gemaakt; een kweker, bloembinder, boswachter,..
- mensen die als gastdocent ons iets komen leren: een kok, een schilder, een chocolademaker, ….
Soms komen ook (kleine) dieren te gast in de klas
- rupsen die we zien uitgroeien tot vlinder
- slakken, wormen etc.
- of een ander dier dat als gast komt en bekeken en bevraagd wordt.
Soms komen de gasten digitaal:
- e-mail contact met mensen in het buitenland; contacten met een school elders.
Naar buiten:
We zetten de deur tussen de school en de wereld open niet alleen om gasten binnen te laten, we gaan ook naar buiten, met name op zoek naar natuur. We gaan met de kinderen op bezoek bij instellingen en bedrijven die passen bij de thema’s waaraan we werken, bijvoorbeeld
- we bezoeken Artis en maken een fotoreportage
- we bezoeken een museum, bv het van Goghmuseum en worden ‘vanGoghkenners”
- we zetten een samenwerking op met een boerderij waar we regelmatig op bezoek gaan en ‘meewerken’
- we werken in de schooltuin en maken een heerlijk gerecht
- we zetten een verkennen de wijk: de bouw van de huizen; de natuur in wijk etc.
- we beschrijven de nieuwbouw van de school en maken een webverslag voor de andere groepen
- we adopteren een stukje van een natuurgebied in de buurt en houden nauwkeurig alle veranderingen bij gedurende een jaar.
- we maken een herfstwandeling.
- we zoeken het voorjaar op de kinderboerderij
Juist omdat onze kinderen wonen in een stedelijke omgeving zullen wevaak de natuur zoeken.
Aan het werk voor anderen:
Niemand leeft voor zichzelf alleen. Dat willen we de kinderen niet alleen vertellen, dat willen we met hen ‘doen’. Bijvoorbeeld:
- Oudere kinderen werken voor de jongere: tutorlezen; voorlezen; helpen bij bv lampionnen maken; een huizentocht uitzetten door de wijk etc.
- We veranderen de klas in een kinderrestaurant en nodigen de ouders uit te komen genieten van wat we maakten.
- We houden een natuurwerkdag.
- We zetten een schoonmaakactie voor zwerfvuil op.
- We doen mee aan een sponsoractie voor een goed doel.
- We maken prachtige dingen (bv. sieraden van gedroogde zaden, veren, wol). en verkopen die op onze kunstmarkt.
- Een schoolkrant met een kinderredactie.
Medeverantwoordelijkheid voor de kinderen
In toenemende mate willen we bereiken dat de kinderen echt mede-verantwoordelijk zijn voor de realisering van de hoogtepunten. Dat noemen we ondernemend leren. Dat is niet alleen goed voor ‘later’, maar ook juist voor het leren nu. Wie zich betrokken en verantwoordelijk voelt, zal zich willen inzetten en zijn uiterste best doen; zal willen weten, willen winnen, willen optreden, willen dat het een succes wordt. Dit zien we als de motor achter de ontwikkeling van kinderen.
Om de uitdaging voor kinderen én voor ons zelf zo groot mogelijk te houden, werken we bij de hoogtepunten toe naar concrete eindresultaten (of eindsituaties).
Bijvoorbeeld:
We doen niet zo maar mee aan een sponsoractie.
We (leerkracht en kinderen) hebben besloten dat we geld willen inzamelen voor een school in Afrika. De slogan “ Alle meisjes naar school’ leidt in de klas tot een serieus gesprek. De conclusie is dat we iets willen doen om het naar school gaan van kinderen elders in de wereld mogelijk te maken. Besloten wordt een sponsorloop te organiseren. We vragen ons af: waar doen we dat? Hoe informeren we andere kinderen? Hoe informeren we de sponsor? Zijn er ook andere sponsors mogelijk dan ouders? Hebben we toestemming nodig van de politie? etc, etc,. De sponsorloop wordt een succes en levert niet alleen veel geld op voor het goede doel, maar ook hebben de kinderen er heel veel van geleerd.In die zin is het in alle opzichten een hoogtepunt geworden.
2.2. Het eindprofiel van onze leerlingen
We hebben ons een beeld gevormd van de leerling die na acht jaar onze school verlaat. Natuurlijk is dit een ideaalbeeld en de werkelijkheid is weerbarstig. Maar zo’n ideaalbeeld geeft richting aan ons onderwijs. Daardoor hebben we als team duidelijk voor ogen: daar doen we het voor, dat willen we bereiken.
De kerndoelen optimaal gehaald.
We willen voor alle leerlingen optimale kansen in het voortgezet onderwijs. Daarom maken we werk van de kerndoelen zoals die gelden voor iedere school in Nederland. We streven naar ‘ieder kind zo goed mogelijk’. Wie zwak is krijgt extra hulp; wie beter kan wordt uitgedaagd om verder te gaan!
Ondernemend en zelfstandig.
Onze kinderen zijn geen onderwijs-consumenten. In onze school proberen we hen mede-verantwoordelijk te laten zijn. Met name bij onze zgn. hoogtepunten dagen we hen uit om actief mee te doen en eigen initiatieven te tonen. Belangrijk vinden we dat ze ervaren dat ze voor het leren niet altijd volledig afhankelijk zijn van hun leerkracht. Door na te denken over wat je al weet, een plan te maken en samen met anderen uit te voeren, hebben ze geleerd om zich ondernemend en verantwoordelijk te gedragen.
Goed in taal.
Om je thuis te kunnen voelen in de wereld is het belangrijk om de taal goed te spreken. Om te beginnen met Nederlands. We geven daarom grote aandacht aan een zorgvuldig taalgebruik in de school. Voor nu en later is het voor de kinderen van groot belang om goed uitdrukking te kunnen geven aan kennis, gedachten en gevoelens; zowel mondeling als schriftelijk.
Thuis in de gemeenschap van de school.
Ieder kind leert dat het van betekenis is, voor zichzelf en voor anderen. Onze kinderen mogen ervaren dat ze gewaardeerd worden. Hun specifieke talenten willen we op het spoor komen en helpen te ontwikkelen. Kinderen in onze school mogen excelleren. Het vergroot hun gevoel van competentie en zelfvertrouwen. Maar tevens leren ze dat talenten gaven zijn die je niet alleen ontwikkelt voor jezelf. In de klas, in de school, zijn we dienstbaar aan elkaar. Kinderen leren elkaar te helpen: de een kan dit goed, de ander dat en samen komen we verder.We hebben regelmatig samen opgetreden met zang en dans. Elkaar respecteren leren ze aldoende.
Thuis in de wereld: door leren en vooral door begrijpen.
Onze kinderen hebben niet alleen geleerd via letters uit boeken. We gebruiken alle zintuigen door ook naar buiten te gaan; de natuur in, de buurt in. Ze hebben extra veel geleerd op het gebied van natuur. Door veel dingen zelf te doen, te onderzoeken, te verzorgen, te maken zijn ze echt betrokken geraakt bij het leren, leren ze er meer van en begrijpen het beter.
Zorg voor zichzelf en de wereld
Onze kinderen leren hoe ze nu en later goed voor zichzelf kunnen zorgen; ze leren over gezondheid, gezonde voeding, bewegen, hygiëne en op adem komen in de natuur. Dit leren ze niet alleen met woorden, maar vooral door te doen. Maar de kinderen leren ook dat niemand ‘alleen voor zichzelf leeft’ ; we delen een wereld en moeten er ook samen voor zorgen. Ook dat leren ze aldoende: de zorg voor planten, voor diertjes, de zorg voor de buurt, het respectvol omgaan met andere mensen, bv de gasten die we in school samen uitnodigen.
‘Natuurtalenten’
Onze kinderen zijn natuurtalenten, immers ieder kind heeft van nature allerlei talenten. We helpen de kinderen om die talenten op het spoor te komen en ze zo goed mogelijk verder te ontwikken. Daarnaast streven we er naar dat onze kinderen een positieve band opbouwen met de natuur, met hun omgeving, en met de natuurlijke elementen daarin. Ook in die zin mogen onze kinderen natuurtalenten zijn.
Saamhorig via dans en muziek.
Wanneer we samen met de kinderen zingen en dansen, geeft dit een extra verbondenheid. De kinderen van De Berkelier leren hoe je je op deze manier kunt uiten, een ander kunt vermaken en een gezamenlijk gevoel kunt verbeelden. Ook op dit gebied leren de kinderen hun talenten ontwikkelen.
In gesprek met enkele kinderen van de bovenbouw praten we over de leerling die na acht jaar van de Berkelier afkomt. Waar is die leerling goed in? Ze zeggen o.a.
- taalgebruik
- heeft geleerd over de wereld om hem heen
- en over de natuur
- en over geschiedenis, want het is belangrijk om te weten hoe het vroeger was
- kan goed met kinderen omgaan en met andere mensen, heeft discipline
- kan samenspelen én conflicten oplossen
- is goed in Engels en Frans en Duits en ander talen (Engels ken je eigenlijk al van de televisie)
2.3. De schoolcultuur
Onze kinderen gaan graag naar school.
Dat is een belangrijk streven voor ons als leerkrachten. Dat betekent voor ons dat het niet alleen veilig en gezellig op school moet zijn, maar vooral dat het onderwijs er uitdagend en boeiend is.
Veilig en respectvol.
Rentmeesterschap en zorgdragen voor de wereld start op school. Je thuis voelen op school betekent je er veilig voelen. We werken aan een veilig schoolklimaat. Iedereen mag zich daar gewenst en gewaardeerd voelen. We willen dat ook de kinderen dit naar elkaar waar maken. Daarom werken we aan een ‘vreedzame school’.
Je thuis voelen betekent: er bij horen en er medeverantwoordelijk voor mogen zijn.
In onze school betekent dat: “samen zijn we een schoolgemeenschap, jij hoort erbij, je mag er in alle opzichten aan deelnemen en je bent er ook een beetje verantwoordelijk voor” Met name wanneer we aan gezamenlijke uitdagingen en hoogtepunten werken ontstaat een gevoel van saamhorigheid.
We leren de kinderen dat alle kinderen en alle mensen verschillend. In onze school is iedereen eigen-aardig d.w.z. op zijn of haar eigen manier aardig.
Leren door te doen: met hoofd, hart en handen
Leren over de wereld kan niet alleen uit een boekje. Op de Berkelier doenwe dat ‘in het echt’. In onze school heerst wat dat betreft een echte ‘werk’sfeer en worden dingen onderzocht en gemaakt; verzorgd en beschreven.
Vertel het mij en ik vergeet,
Laat het mij zien en ik onthoud,
Laat mij het zelf doen en ik begrijp
Oud chinees gezegde
Samen verantwoordelijk.
We zeggen wel eens: de school is er van, voor en door de kinderen. Dat betekent voor ons dat we in toenemende mate samen met de kinderen aan het werk willen in het onderwijs. Ieder heeft daarin zijn eigen taak: als leerkrachten ontwerpen we boeiend en leerzaam onderwijs en samen met de kinderen geven we dit vorm. We willen hen medeverantwoordelijk leren zijn voor een goed eindresultaat; hun gevoel voor kwaliteit vergroten.
Die gezamenlijke verantwoordelijkheid betreft ook de wereld buiten de school; onze kinderen leren om op hun eigen manier bij te dragen aan de duurzame ontwikkeling van de wereld.
Geordend en zorgvuldig
In De Berkelier leren de kinderen al van het eerste begin planmatig en ordelijk te werken. Bij de jongste kinderen gebruiken we het Piramide project. Bij de oudere kinderen zorgen we voor een goede onderlinge afstemming en voor duidelijke regels in school waar iedereen zich aan houdt.
2.4. Buitenschoolse partners
Als school waar kinderen leren thuis te zijn in de wereld, halen we graag buitenschoolse partners binnen die ons op dit punt kunnen steunen.
Ouders
Onze belangrijkste partners zijn de ouders. We nodigen hen uit om samen in gesprek te gaan over het onderwijs en de opvoeding van de kinderen.
Gast in de klas
Ouders en andere mensen kunnen een belangrijke rol spelen bij het binnen brengen van de wereld. Als gast in de klas nodigen we hen uit om bijvoorbeeld te vertellen over hun beroep; bijzondere kwaliteiten, verre reizen, ed Maar samen met de kinderen, vragen we ook mensen die kunnen helpen om de kwaliteit van ons werk te vergroten: een plantenkenner, iemand met kennis van de historie van de buurt, iemand die veel weet over gezond eten; etc. Uiteraard doen we dit in relatie tot de onderwerpen waaraan gewerkt wordt.
Gastdocenten
Soms nodigen we samen met de kinderen iemand uit die ons iets heel bijzonders kan leren:
* iemand die ons een bepaalde dans kan leren; iemand die ons helpt bij onze verkenning van de bomen in het park; iemand die ons beter leert zingen; iemand die ons leert hoe je beter kunt optreden ed.
Natuur en Milieu Centrum Amsterdam Noord.
Met de mensen van dit centrum werken we aan de verkenning van de natuur in de buurt; aan de adoptie van een klein gebied en aan de uitvoering van een natuurplan. Het is voor ons (leerkrachten en kinderen) van groot belang te kunnen samen werken met mensen die op het gebied van natuur veel ervaring hebben.
Brede school
Ook na schooltijd is er voor de kinderen gelegenheid om zich te bekwamen op allerlei terreinen. Wanneer we in ons nieuwe gebouw zitten zullen we onze partners met name kiezen vanuit ons profiel gericht op de wereld, te beginnen met de eigen omgeving.
2.5. Het schoolgebouw en de inrichting
Op het moment dat we deze profielschets vorm geven zitten we nog in het oude gebouw. Binnenkort gaan we een nieuwe school bouwen. Daarvoor hebben we concrete wensen.In ieder geval deze:
Je ziet waaraan we werken.
Wanneer de kinderen aan een thema of aan een hoogtepunt werken is dit in de klas zichtbaar. Misschien is er een hoek waar planten of rupsen gekweekt worden, of staat er een wormenhotel, er is een onderzoekhoek,of een speelhoek, een studiehoek. Net als in veel scholen is het woekeren met de ruimte, daarom zorgen we samen met de kinderen dat de klas opgeruimd en ordelijk is.
Ouderkamer
We zijn heel trots op onze mooie ouderkamer, waar ouders en anderen welkom zijn, die gebruikt kan worden voor cursussen en andere activiteiten onder schooltijd.Hier komt ook ons gastenboek te liggen, zodat ouders kunnen zien welke mensen als gast in de klas geweest zijn.
Aula
Af en toe met een groot deel van de leerlingen bijeen kunnen komen, is onmisbaar voor het gevoel van saamhorigheid.
Materialen
Voor onderzoek in de omgeving en aan natuur zijn materialen nodig. We denken bijvoorbeeld aan vergrootglazen, kweekbakjes, thermometers, windmeters. Maar het ontbreken van dergelijke materialen zal ons niet belemmeren toch zinvol aan de slag te gaan. We zijn creatief genoeg om samen met de kinderen ook andere oplossingen te bedenken.
Brede school
We willen frequent gebruik maken van we een schoolbibliotheek, een werklokaal voor natuur (en techniek),een computerruimte. Samen met de voor- en naschoolse opvang willen nadenken over zinvolle activiteiten in dergelijke ruimte. Hetzelfde geldt voor een ‘restaurant’ met een keuken, te gebruiken voor het overblijven en eventueel ook met een buurtfunctie.
Vanuit dit schoolprofiel kunnen we nu concreet nadenken over de inrichting van de nieuwe school.
Duurzaam en energiezuinig
We streven er naar met onze school, vooral ons nieuwe schoolgebouw, het milieu zo min mogelijk te belasten: milieuvriendelijke materialen en een zuinige energiehuishouding. Een belangrijke bijdrage aan de instandhouding van de wereld. We willen graag gebruikmaken van de mogelijkheden die elders reeds ontwikkeld zijn.
De buitenomgeving
Met name de kinderen hebben wensen over de (her)inrichting van het verkleinde schoolplein.
Wanneer we een nieuwe school hebben, gaan we kinderen betrekken bij de inrichting van onze buitenruimten. We willen dan ook mogelijkheden om direct rond de school buiten te werken. We denken aan bijvoorbeeld: een kleine beestjestuin, struiken en bomen, een vijver om waterdiertjes te onderzoeken, plekken waar we onderzoek kunnen doen aan licht en schaduw en misschien wel kleine kweektuinen.
Natuurlijk maken we ook graag gebruik van de mogelijkheden om (de verder weggelegen) natuur in geuren en kleuren te verkennen: zoals de schooltuin; de omgeving van het schoolkamp in Bladel; het park.
2.6. De kwaliteiten van de leerkrachten
De leerkrachten van de Berkelier zijn hardwerkende professionals. Ze zetten zich in om uit ieder kind het beste te halen.
Vanuit het schoolprofiel willen we ons extra inzetten voor onderwijs met en vanuit de eigen omgeving, mn. vanuit en rondom de natuur. We willen ons inzetten voor de natuurbeleving van de kinderen. Maar vooral willen we de eigen participatie van de kinderen vergroten, hen meer ondernemend en medeverantwoordelijk maken. Dat vraagt om een aantal specifieke kwaliteiten.
Kinderen uitdagen tot echte deelname.
De leerkrachten maken het onderwijs boeiend en van betekenis voor de kinderen. Ze werken met de kinderen toe naar een echt en realistisch eindproduct. Ze weten daardoor de kinderen uit te dagen tot optimale deelname. Op geen enkele manier bedoelen we hiermee een laissez passez situatie. De leerkracht is de eindverantwoordelijke en heeft duidelijke onderwijsbedoelingen. De weg om deze te bereiken bepaalt hij gaandeweg samen met de kinderen. Dat noemen we ondernemend leren.
Interesse en kennis op gebied van de wereld, mn de natuur daarin.
Zonder eigen interesse en affiniteit kan geen leerkracht een vonk doen overslaan. Dat geldt juist ook op het gebied van natuur en interesse in de wereld, een beetje groene vingers en een zekere mate van wereldburgerschap moeten we dus wel hebben. Niet alleen op dit gebied, maar juist ook in gedrag en omgang is de leerkracht een voorbeeldfiguur voor de leerlingen.
Talenten inzetten.
Net als de kinderen hebben ook leerkrachten allen hun eigen talenten. In toenemende mate willen we gebruik maken van die talenten. Ten dienste van de ontwikkeling van de kinderen. Daarnaast blijven we ons ontwikkelen door scholing en collegiale samenwerking. Deze profielschets geeft voor de komende jaren richting aan die ontwikkeling.
3. Colofon
Thuis in de wereld.
Profielschets van Chr. Basisschool de Berkelier,
een wereldschool in Nieuwendam( Amsterdam)
zomer 2006
Deze profielschets is geschreven door Marianne Schuurmans (Ontwerpbureau De Educatieve Stad)
in nauwe samenspraak met directie, team en enkele kinderen.
Adres
Chr basisschool De Berkelier
Wildrijkstraat 2
1024 CL Amsterdam
T 020 636 90 60
berkelier@berkelier.nl
www.berkelier.nl
Ontwerpbureau De Educatieve Stad
T 075 622 67 22
www.educatievestad.nl