Schoolgids 2011-2012
Inleiding
Waarom krijgt u de schoolgids ?
De schoolgids geeft u informatie over de gang van zaken op onze school. U kunt hierin lezen welke activiteiten georganiseerd worden en hoe andere zaken geregeld zijn.
U kunt in onze gids alles lezen wat van belang is om ervoor te zorgen dat uw kind een leuke en onbezorgde schooltijd bij ons op school heeft.
Deze gids is geschreven voor de ouders van onze kinderen, maar ook voor ouders die nog bezig zijn een school voor hun kind te zoeken. Aan onze school is ook een voorschool verbonden.
Tijdens het schooljaar wordt u door middel van de schoolkalender en nieuwsbrieven op de hoogte gebracht van alle belangrijke gebeurtenissen en activiteiten. Ook de vakantieperioden zijn hierin opgenomen.
Wij vinden het heel belangrijk dat uw kind zich prettig voelt op de basisschool. Een goed contact met ouders kan van grote invloed zijn op de schoolloopbaan van de kinderen. Als u vragen, opmerkingen of suggesties heeft over de school, over het lesprogramma of over uw kind kunt u altijd terecht bij de leerkracht van uw kind, de intern begeleider of de directie.U kunt na schooltijd altijd even binnenlopen en eventueel een afspraak maken voor een langer gesprek.
Wij hopen u regelmatig in onze school te ontmoeten.
De directie van de Berkelier
Pien Verburg
Directeur
Swaan Rutten
Adjunct-directeur
Schooljaar 2010-2011
1 Onze school
1.1. Onze identiteit
De Berkelier is van huis uit een protestants christelijke basisschool. De laatste jaren is het aantal kinderen en leerkrachten op school met een pc-achtergrond in de minderheid.
We werken bij ons op school met de methode Trefwoord, waar onderwerpen en thema’s uit de bijbel, en uit andere godsdiensten met de kinderen besproken worden. Het gaat daarbij niet alleen om verhalen van vroeger maar vooral wat we daar nu, in het dagelijks leven, en in de toekomst, mee kunnen.
1.2. Opvoeden voor een multiculturele samenleving
Op de Berkelier zijn kinderen ingeschreven van vele nationaliteiten en daardoor met veel verschillende achtergronden, culturen en religies. Hierdoor is een multiculturele schoolbevolking ontstaan. De positieve elementen hiervan willen wij gebruiken bij de opvoeding van onze kinderen voor de toekomstige multiculturele maatschappij, met respect voor elkaar en voor elkaars opvattingen. Agressie in woord, daad of gebaar (wapenbezit) wordt niet getolereerd. Het is belangrijk dat iedereen zich aan regels en afspraken houdt.
1.3. Een goede samenwerking tussen ouders en leerkrachten
De ouders zijn verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen, de leerkrachten werken hieraan op school. In het belang van het kind is het essentieel dat er een goede samenwerking is tussen ouders en leerkrachten. Allereerst in de persoonlijke contacten waarin over en weer informatie uitgewisseld kan worden. Daarnaast vinden we het belangrijk dat zoveel mogelijk ouders betrokken zijn bij de activiteiten die we op school organiseren.
Wij willen laagdrempelig voor de ouders zijn en stellen ons serviceverlenend op.
1.4. Het schoolgebouw
De Berkelier zal zoals het er nu naar uitziet in 2013 een volledig nieuwe huisvesting krijgen. Het nieuwe schoolgebouw moet naar buiten toe een goede uitstraling hebben. Binnen zijn gangen, lokalen en overige ruimten gezellig, schoon, veilig en functioneel ingericht. Bij de bouw van het nieuwe schoolgebouw zal ons profiel gebruikt worden voor het ontwerp en de inrichting.
1.5. Hoofddoel is om kwalitatief onderwijs te verzorgen
Elk kind moet binnen de eigen mogelijkheden, optimale resultaten behalen. Wij willen een goede basis leggen voor het voortgezet onderwijs, maar ook om later als individu en als mens goed te kunnen functioneren in de maatschappij. Ons personeel is goed geschoold en gemotiveerd en zet zich volledig in om voor de school, de groep en het individu het beste resultaat te behalen.
1.6. Een goede sfeer is belangrijk
Een goede sfeer op school van belang om goed te kunnen functioneren. Daarom is het belangrijk dat ouders, leerkrachten en leerlingen hun inbreng hebben en dat er geluisterd wordt naar elkaars wensen. In harmonie en openheid kan er zo gebouwd worden aan een goed pedagogisch klimaat waarin het prettig is om te werken en te leren, waarbij iedereen zich betrokken voelt.
1.7. Schooltijden
voorschool
maandag, dinsdag, donderdag, vrijdag
8.45 – 11.45 uur en van 13.15 – 15.15 uur
groep 1 t/m 8:
maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag
8.30 uur – 14.15 uur
Voordat de lessen beginnen, gaat er een bel. De bel gaat ‘s morgens om 8.20 uur.
De lessen beginnen stipt om 8.30 uur, alle kinderen moeten dan in de klas zijn.
Voor de pauzes nemen de kinderen iets te eten en drinken mee.
Toegestaan zijn: brood, fruit, pakje crackers, schoolkoek.
Niet toegestaan zijn: snoep, chocola, chips en versnaperingen.
Voor drinken is toegestaan: vruchtensap, melk, yoghurtdrink en pakjes of afsluitbare flesjes chocomelk.
Niet toegestaan zijn: priklimonade zoals cola en sinas, blikjes drinken.
De lessen duren tot 14.10 uur. Daarna gaan de kinderen opruimen en dan gaan ze naar huis of naar de opvang. De leerkrachten brengen de kinderen naar de deur. Het komt wel eens voor dat een groep kinderen even moet nablijven, omdat de leerkracht bijvoorbeeld afspraken met de groep moet maken. Als u uw kind komt ophalen, kan het dus gebeuren dat u even op het schoolplein moet wachten. Wilt u een afspraak met de leerkracht maken om over uw kind te praten dan kan dat iedere na 14.10 uur. U kunt natuurlijk ook even bellen.
1.8. Voorschool
Sinds enkele jaren wordt er in de voorschoolgroepen en de groepen 1 en 2 gewerkt met de methode “Piramide”. “Piramide” is een programma voor alle kinderen, maar het is bijzonder geschikt voor kinderen die extra taalondersteuning nodig hebben, zoals het geval kan zijn bij allochtone kinderen of kinderen met een achterstand. Met een combinatie van spelen, werken en leren worden de kinderen gestimuleerd in hun ontwikkeling.
Het Piramide programma richt zich op acht ontwikkelingsgebieden die een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van een kind (zie 1.9).
Regelmatig is er op school een piramide-voorlichting te volgen. De school verwacht dat een van beide ouders deze bijwoont.
1.9. Opbouw van de groepen
Op de voorschool zitten 15 peuters van 2½ tot 4 jaar in de groep. Wanneer uw kind op de basisschool komt, begint het in groep 1. Daar zitten de 4-jarige kinderen. Daarna gaat uw kind steeds over naar de volgende groep. Soms is het belangrijk voor een kind om een jaar extra te “kleuteren”. Indien dit het geval is wordt dit op tijd met u besproken. Van groep 1 t/m groep 8 zitten de kinderen in jaargroepen. Dat wil zeggen dat de meeste kinderen in een groep zitten met leeftijdgenootjes.
Elk leerjaar heeft voor de verschillende vakken (in ieder geval voor lezen, schrijven, taal en rekenen) een eigen programma. Het is de bedoeling dat de kinderen dit programma doorlopen. Niet alle kinderen van een groep werken op hetzelfde niveau. Het kan voorkomen dat kinderen een individueel programma nodig hebben omdat ze onder of boven het gemiddelde niveau presteren. In overleg met de groepsleerkracht, de intern begeleider en de ouders wordt bekeken wanneer een kind een eigen programma krijgt.
In de groepen 1 en 2 wordt gewerkt met de methode Piramide. Tijdens de voorschool- en kleuterperiode wordt er op een systematische manier gewerkt aan acht ontwikkelingsgebieden die op allerlei manieren gestimuleerd worden.
Deze acht ontwikkelingsgebieden zijn:
- sociaal-emotionele ontwikkeling
- persoonlijkheidsontwikkeling en redzaamheid
- creatieve ontwikkeling
- motorische ontwikkeling en het ontwikkelen van het schrijven
- ontwikkeling van waarnemen
- taalontwikkeling en ontwikkelen van het lezen
- denkontwikkeling en ontwikkelen van het rekenen
- oriëntatie op ruimte en tijd
Al deze gebieden worden op vastgelegde momenten getoetst en/of geobserveerd door de leerkracht. Tijdens de rapportgesprekken wordt u op de hoogte gebracht van de toetsuitslagen en de observatie gegevens. In de voorschool- en kleutergroepen is het belangrijk voor de ontwikkeling van uw kind dat u het eerste kwartier in de klas aanwezig bent.
Het is dan de bedoeling dat u samen metuw kind een werkje maakt of een spelletje speelt. U zult merken dat uw kind in de loop van het schooljaar steeds vaardiger wordt.
1.10. Veiligheid in en om de school
Onze school hecht veel waarde aan een veilige school en een veilige schoolomgeving voor uw kind, onze medewerkers en omwonenden. Sinds januari 2004 zijn de afspraken, die voortvloeien uit het convenant ‘Veilig in en om School Primair Onderwijs Amsterdam-Noord’ op onze school van kracht.
Dit betekent dat:
- onze school een contactpersoon veiligheid en een vertrouwenspersoon heeft aangesteld
- er een verbod is op het plegen van vandalisme, (seksuele) intimidatie, discriminatie, bedreiging, verbale agressie en ander crimineel gedrag
- schelden niet toegestaan is
- er een algeheel verbod is tot het in bezit hebben van messen en andere als slag- of steekwapen te hanteren voorwerpen
- bij het plegen van een strafbaar feit altijd contact met de politie wordt opgenomen en aangifte wordt gedaan
- in geval van (het vermoeden van) van crimineel gedrag contact met de politie zal worden opgenomen. Dit kan gevolgd worden door verdere acties zoals bijvoorbeeld aangifte en/of met uw toestemming verwijzing naar het jeugdzorgadviesteam of bureau Jeugdzorg.
Deze afspraken gelden voor iedereen die zich in en rond de school bevinden.
(Het convenant is ondertekend door de schoolbesturen van de ASKO, PCOOA en het Openbaar Schoolbestuur, het stadsdeel Amsterdam Noord, Politie Amsterdam & Amstelland en het Openbaar Ministerie.)
1.11. Schoolgegevens
Directie
Pien Verburg directeur
Swaan Rutten adjunct-directeur
Administratie
Nathalie de Koning
Adres
De Berkelier
Wildrijkstraat 2
1024 CL Amsterdam
T 020 - 636 90 60
F 020 - 637 59 71
E berkelier@amosonderwijs.nl
www.berkelier.nl
Schoolbestuur
Stichting Amos
Baden Powellweg 305J
1069 LH Amsterdam
T 020 - 410 68 10
Leerplichtambtenaar
Mevr. M. Bender
020 - 634 92 52
2 Inschrijving en leerplicht
2.1. Inschrijving
Ouders kunnen met de administratief medewerker een (telefonische) afspraak maken om hun kind te komen inschrijven. De inschrijving gebeurt door de administratief medewerker en de interne begeleider. Een kind wordt ingeschreven als de school in het bezit is van een onderwijskundig rapport van de vorige school. Het advies van de vorige school wordt overgenomen. Dit is belangrijk i.v.m. een eventuele verwijzingsprocedure of een onderzoek door de schoolbegeleidingsdienst.
U kunt uw kind vanaf 3 jaar aanmelden op de Berkelier. Uw kind wordt dan geplaatst op de wachtlijst van de kleuters. Peuters kunnen vanaf 1 jaar worden aangemeld voor de voorschool.
2.2. Leerplicht
Uw kind kan vanaf 2½ jaar geplaatst worden op de voorschool. Als een kind 4 jaar is, mag het naar de basisschool. Uw kind is dan nog niet verplicht om onderwijs te volgen, maar het is erg belangrijk dat uw kind zo vroeg mogelijk en zo regelmatig mogelijk naar school gaat. Vanaf 5 jaar zijn kinderen leerplichtig. Dat betekent dat uw kind dan altijd naar school moet. De meeste leerlingen verlaten de basisschool als ze 12 of 13 jaar zijn.
2.3. Verzuim
Uw kind wordt iedere dag op tijd op school verwacht. Het is belangrijk dat u ons op de hoogte brengt als uw kind ziek is of naar de dokter moet. U kunt voor schooltijd even opbellen of een briefje meegeven aan een zusje of broertje. De leerkracht van uw kind moet weten waarom uw kind afwezig is. Als u niet voor 9.30 uur heeft gemeld met welke reden uw kind afwezig is, beschouwen wij dit als ongeoorloofd verzuim. De leerplichtambtenaar wordt dan op de hoogte gebracht en u wordt uitgenodigd voor een gesprek. Ook als uw kind regelmatig te laat komt, is dit een vorm van verzuim. Ook dan wordt u uitgenodigd voor een gesprek.
2.4. Extra verlof
Het is wettelijk niet toegestaan buiten de schoolvakanties uw kind van school te houden. Alleen bij uitzondering wordt er toestemming voor extra verlof gegeven. Formulieren voor het aanvragen van extra verlof zijn bij de administratie te verkrijgen. Aanvragen voor extra verlof moeten in ieder geval 6 weken van tevoren worden ingediend. Bij de aanvraag wordt altijd gevraagd naar verklaringen die de reden van aanvraag kunnen onderbouwen. Voor bijzondere familieomstandigheden, zoals een huwelijk of een begrafenis / crematie kunt u ook extra verlof aanvragen. Verlof aanvragen betekent niet automatisch dat u ook toestemming krijgt voor het aangevraagde verlof. Het aangevraagde verlof wordt bekeken en afgehandeld door de directeur, al dan niet samen met de leerplichtambtenaar. U krijgt altijd schriftelijk bericht of u toestemming krijgt.
3 De schoolactiviteiten
Op de Berkelier zitten veel kinderen met een meertalige achtergrond. Wij vinden het mede daarom belangrijk om een effectief taalbeleid te voeren. Onze school is een school in beweging, de afgelopen jaren is er vooral veel veranderd op het gebied van taalonderwijs.
3.1. Methodes
Er komen steeds meer nieuwe methodes en er wordt op een intensieve manier gewerkt aan een goed aanbod op het gebied van taal en lezen. Wij streven ernaar de kerndoelen zoals aangegeven in methodes te halen.
Methode Piramide
In het schooljaar 2002 – 2003 is in de voorschool en in de groepen 1 en 2 gestart met de methode “Piramide”.
Veilig leren lezen
In het schooljaar 2005-2006 zijn we gestartmet de nieuwste versie van de leesmethode “Veilig leren lezen”.
Kinderen die extra ondersteuning nodig hebben werken uit de methode ‘Veilig in stapjes’, een remediërende methode voor aanvankelijk lezen. Kinderen die meer uitdaging nodig hebben werken met de ‘zonversie’ of ‘raketversie’ van Veilig Leren Lezen.
Voortgezet technisch lezen
In het schooljaar 2009-2010 zijn de groepen 4-6 gestart met Estafettelezen. In het schooljaar 2010-2011 gaan ook de groepen 7-8 Estafettelezen.
Schrijven
Voor het leren schrijven maken we op school gebruik van de methode “Handschrift”.
Taal op maat
Voor taal hebben wij de methode Taal op Maat, daarnaast wordt voor begrijpend lezen gebruik gemaakt van “ Goed Gelezen”.
Pluspunt
In het schooljaar 2001- 2002 zijn we gaan werken met de rekenmethode “Pluspunt”. Deze methode is aangepast aan de euro.
Dit schooljaar zal er een keuze gemaakt worden voor een vernieuwde rekenmethode.
Muziek & Drama
Dit vakgebied komt aan de orde in de vorm van projecten.
Aardrijkskunde
De school werkt met de methode “Een wereld van verschil”.
Natuureducatie
Sinds een aantal jaar werken we op school met de natuurmethode “Natuurlijk”.
Verkeer
“Voor verkeer wordt gebruik gemaakt van de methode “Klaar over…”. In groep 7 leggen de leerlingen het theoretisch verkeersexamen af. In groep 8 volgt het praktijk fietsexamen.
Geschiedenis
Bij geschiedenis wordt gewerkt met de methode ‘Bij de Tijd’.
Pedagogisch klimaat
Niet alleen op het gebied van taalbeleid en de vernieuwing van methodes is er veel gebeurd. Onze school heeft zich de afgelopen periode ook bezig gehouden met het pedagogisch klimaat. In het schooljaar 2005-2006 is de methode “De Vreedzame School” geïmplementeerd. Dit is een concept waarbij het pedagogisch klimaat versterkt wordt door te werken aan een gedragsverandering bij zowel leerling als leerkracht.
Actief burgerschap
Als school willen wij dat onze kinderen al op jonge leeftijd kennis, houding en vaardigheden worden bijgebracht op het gebied van democratisch burgerschap. De school zal zelf een democratische gemeenschap moeten zijn, waar er ruimte is voor de eigen verantwoordelijkheid van leerlingen, het gedrag van leerlingen en de stem van leerlingen.
Het zal dus niet alleen moeten gaan om een serie lessen over democratie en burgerschap,
maar nog veel meer zal de school moeten functioneren als een democratische gemeenschap.
Vooralsnog vormen de lessen vanuit de Vreedzame school de leidraad tot actief burgerschap.
Verdere activiteiten
Naast de cognitieve vakken zoals taal, lezen, schrijven en rekenen vinden er veel andere activiteiten op school plaats zoals het kinderboekenweekproject, schoolproject, vieringen, schooltuinen, schoolzwemmen, kunstkijkdag voor de groepen 8, schoolreisjes, sportdagen, kleine klassenprojecten en uitstapjes / wandelingen. Ook zijn er twee excursieweken per jaar. Hierbij wordt bijvoorbeeld een museum bezocht, Artis e.d.,
Een onderdeel van het schoolprofiel is “ondernemend leren”. De kinderen worden bij ondernemend leren aangesproken op hun specifieke talenten. Op deze manier sluiten we beter aan bij de onderwijsbehoefte van kinderen en wordt hun ontwikkeling extra gestimuleerd. De “gast in de klas” is een onderdeel van “ondernemend leren” binnen onze school.
3.2. Niveau-lezen
In het schooljaar 2009-2010 zijn de groepen 4-6 gestart met Estafettelezen. In het schooljaar 2010-2011 gaan ook de groepen 7-8 Estafettelezen.
Het is erg belangrijk dat de kinderen goed leren lezen. Het is nodig dat de ouders thuis regelmatig samen met hun kind lezen of hun kind voorlezen. Dit stimuleert het leesgedrag van de kinderen. De school beschikt sinds 2009-2010 over een schoolbibliotheek, die door ouders en leerlingen beheerd wordt. De leerlingen kunnen een aantal keer per week boeken ruilen.
3.3. Bewegingsonderwijs
Onze school heeft een vakleerkracht gymnastiek. Deze leerkracht geeft gymles aan de groepen 3 t/m 8. De kinderen van groep 1 / 2 krijgen gym in het speellokaal. Voor de gymlessen is nodig: gymschoenen met witte zool, een gympak of gymbroek met een T-shirt. Het is handig als de naam van uw kind in de schoenen en kleding staat. Het is hygiënisch als de kinderen gymschoenen dragen tijdens de gymles. Het is niet toegestaan om tijdens de gymles sieraden te dragen.
Tijdens de gymlessen worden de leerlingen beoordeeld op hun motorische ontwikkeling. Indien nodig krijgen de kinderen extra hulp in de vorm van MRT (motorische training door de gymleerkracht).
3.4. Schoolzwemmen
Alle kinderen van de groepen 5 gaan op dinsdag zwemmen in het Floraparkbad. De zwemlessen zijn een verplicht onderdeel van het onderwijs. Specifieke informatie over de zwemlessen vindt u in de brief die de kinderen in groep 5 krijgen. Aan de zwemlessen zijn kosten verbonden.
3.5. Andere sportactiviteiten
Regelmatig worden er door de gymleerkracht samen met een of meer groepsleerkrachten sportactiviteiten georganiseerd, zowel in de school als daar buiten. De school doet onder andere mee aan het schoolvoetbaltoernooi. Kinderen uit de groepen 7 en 8 kunnen meedoen aan deze activiteiten. De activiteiten vinden meestal plaats op de woensdagmiddag en worden begeleid door minimaal 2 leerkrachten. Vervoer naar de verschillende activiteiten wordt niet door de school geregeld.
Er is 1x per jaar een sport- en speldag voor de hele school.
3.6. Schooltuinen
De kinderen van de groepen 6 (vanaf januari) en 7 (begin van het schooljaar) doen mee met de schooltuinen. De voorbereidingen zijn op school. De kinderen krijgen een werkboek. In januari beginnen de binnenlessen en vanaf maart gaan de kinderen iedere week een middag of ochtend naar de schooltuinen. Na de zomervakantie gaan de schooltuinen nog een aantal weken door.
3.7. Museum- en muzieklessen
De muzieklessen op school worden georganiseerd in samenwerking met de muziekschool Noord. De voorbereidingen en de muzieklessen vinden plaats in de school. De kinderen bezoeken gedurende hun schooltijd een aantal musea en ze gaan af en toe naar een concert. Voor het vervoer wordt gebruik gemaakt van het openbaar vervoer of een touringcar. De kosten worden betaald door de school of vanuit het ouderfonds.
3.8. Schoolreisje
De groepen 1 t/m 7 gaan in de laatste periode van het jaar een dag op schoolreisje. De kinderen van groep 8 gaan aan het eind van het schooljaar op meerdaagse schoolreis. Deze activiteit is voor uw kind een zeer belangrijke afsluiting van de basisschoolperiode. Het schoolreisje is een verplicht onderdeel van het lesprogramma. Het is een sociaal gebeuren en wij willen graag dat alle kinderen meegaan. U krijgt bijtijds bericht over de bestemming. De kosten worden voor de groepen 1 t/m 7 volledig betaald vanuit het ouderfonds, voor groep 8 komt een deel van de kosten uit het ouderfonds. De kosten van het ouderfonds bedragen € 45,00.
Kinderen waarvoor geen ouderfonds is betaald, kunnen niet mee op schoolreisje en krijgen een ander lesprogramma.
De kosten van het meerdaagse reisje van groep 8 zijn nog onbekend.
3.9. Feesten
Behalve werken, leren, praten, luisteren en spelen is het belangrijk dat we met elkaar feestvieren. Op de Berkelier worden de volgende feesten gevierd: Naast de christelijke feesten, het kerstfeest en het paasfeest,wordt er een multicultureel feest gevierd. In alle klassen worden de verjaardagen van de leerlingen, leerkrachten en die van Sinterklaas gevierd. Bij de verschillende activiteiten in de school worden de ouders betrokken via de schoolcommissie (organisatie en uitvoering). Rond het kerstfeest wordt het kerstverhaal in de klassen behandeld, daarnaast vragen we de ouders om hapjes te maken voor de gezamenlijke kerstmaaltijd, dit is een hele feestelijke gebeurtenis. De kinderen en de school zijn erg blij dat er ieder jaar veel ouders meehelpen om deze feesten extra gezellig te maken.
3.10. Project
Ieder jaar wordt er op school aan een groot project gewerkt. Aan het begin van het schooljaar wordt er een onderwerp afgesproken. Er wordt ook afgesproken hoe het project eruit komt te zien en wanneer er door alle groepen in de school aan het project wordt gewerkt. Het project wordt meestal afgesloten met een tentoonstelling of een voorstelling voor de ouders. Als u tijdens de projectweken in de school komt, ziet u op verschillende plaatsen kunstwerken die bij het project horen.
3.11. Piramide-inloop
In de groepen 1 en 2 is er iedere ochtend van 8.30 tot 8.45 uur een spelinloop voor de ouders. De ouders kunnen dan samen met hun kind een werkje maken en blijven op deze manier ook op de hoogte van de leuke dingen die er gebeuren in de groep. Ook voor de kinderen is het heel belangrijk dat ze kunnen laten zien waar ze mee bezig zijn. We doen dan ook een dringend verzoek aan u erbij aanwezig te zijn. Natuurlijk zijn ook oma’s en opa’s welkom.
Voor alle duidelijkheid vermelden we dat de kinderen allemaal om 8.30 uur aanwezig moeten zijn. De spelinloop is een onderdeel van ons onderwijsaanbod.
4. Schoolresultaten en zorgverbreding
Steeds vaker wordt gevraagd naar de resultaten van de school. Zowel door de ouders als door de politiek. Meestal wil men die resultaten gepresenteerd zien in de schoolscore van de Cito (eindtoets en /of uitstroomcijfers naar het voortgezet onderwijs) Wij zijn van mening dat de beantwoording van de vraag naar schoolresultaten eigenlijk niet op deze wijze beantwoord kan worden.
Uit onderzoek (Henk Blok 1992) blijkt dat regelmatig scholen die het ene jaar hoge scores halen op de cito-eindtoets het volgende jaar in de grijze middenmoot of nog daaronder belanden. Omgekeerd behoren scholen met een lage score in het ene jaar soms tot de toppers van het volgend jaar. Stabiele schoolscores zijn nauwelijks te realiseren, hetgeen dus ook van toepassing is op de uitstroomcijfers naar het voortgezet onderwijs. Daarnaast is gebleken dat de schoolresultaten “buurtafhankelijk” zijn. De oorzaak hiervan ligt in het feit dat de invloed van de taal-, thuis- en gezinssituatie op de schoolprestaties minstens even groot, zo niet groter, is dan de invloed van het genoten onderwijs.
Tenslotte is het zo dat een school natuurlijk meer biedt dan alleen de meetbare vaardigheden die de Cito-eindtoets meet.
De invloed van de school op het bestrijden van achterstanden is beperkt. De school geeft extra ondersteuning en helpt bij het inhalen van de achterstanden, maar ook de thuissituatie speelt een belangrijke rol. Niet het eindresultaat, maar de leervorderingen bepalen de kwaliteit van het onderwijs. De gemiddelde uitstroomgegevens van de Berkelier kunt u lezen in paragraaf 5.5.
4.1. Het leerlingvolgsysteem
Tijdens de hele schoolperiode worden de kinderen gevolgd in hun ontwikkeling. Vanaf de peuter/kleutergroep worden toetsen afgenomen en worden observaties gedaan. De kinderen worden getoetst en gevolgd op verschillende onderdelen. Indien nodig wordt er een observatie gedaan door de leerkracht, de intern begeleider of een andere deskundige. Het is ook belangrijk om een beeld te krijgen van de sociaal-emotionele ontwikkeling. Alle gegevens van de kinderen worden verzameld en in het leerlingendossier bewaard. Het leerlingvolgsysyteem is inmiddels ingevoerd in de computer. De privacy van de kinderen moet gewaarborgd zijn, daarom is het dossier alleen ter inzage voor de leerkracht van uw kind, intern begeleider en de directie. De ouders kunnen uiteraard na overleg met de directie het dossier van hun kind inzien.
4.2. Interne begeleiding
Onze school heeft een goed georganiseerd systeem voor interne begeleiding. Tijdens de kinderbesprekingen worden de kinderen zowel pedagogisch als didactisch doorgesproken. De intern begeleider coördineert deze besprekingen en houdt de ontwikkelingslijn van de kinderen in de gaten. Indien nodig doet de intern begeleider een pedagogisch didactisch onderzoek. Soms is het noodzakelijk om een kind uitgebreid te onderzoeken. Aan de ouders wordt hiervoor altijd om schriftelijke toestemming gevraagd. Deze uitgebreide onderzoeken worden door de intern begeleider of door externen gedaan. Regelmatig worden ouders uitgenodigd voor een gesprek over de ontwikkeling van hun kind. Deze gesprekken vinden meestal plaats met de intern begeleider, de leerkracht en/of een directielid.
4.3. Extra hulp
Leerlingen die een probleem hebben met bijvoorbeeld lezen, spellen of rekenen, kunnen incidenteel ondersteuning krijgen van een vrijwilliger. De leerkracht begeleidt voor een bepaalde periode een kind of een groepje kinderen. Soms komt het voor dat een kind niet mee kan komen met het groepsniveau. Er wordt dan een apart programma voor dat kind opgesteld.
In de groepen 1 en 2 is er een tutor die, de kinderen die dat nodig hebben, in een klein groepje extra ondersteuning geeft. Na een taaltoets wordt bekeken welke kinderen deze extra ondersteuning nodig hebben.
4.4. Kinder/groepsbespreking
De intern begeleider bezoekt meerdere keren per jaar de groepen. Naar aanleiding van de toetsresultaten stelt de leerkracht een groepsplan op voor taal, lezen, begrijpend lezen, spellen en rekenen. Tijdens deze besprekingen worden de kinderen en de groepsplannen besproken met de leerkracht. Voor de kinderen die andere onderwijsbehoeften hebben worden er afspraken gemaakt over extra ondersteuning of een aangepast programma. Ook de kinderen die boven het gemiddelde presteren worden besproken en krijgen een speciaal programma met extra leerstof die hen motiveert en uitdaagt.
4.5. Grenzen aan de zorg
Onze zorgcapaciteit kent grenzen. Dit betekent dat bij aanmelding van kinderen gekeken moet worden of zij de zorg kunnen krijgen die zij behoeven. Met de plaatsing van nieuwe kinderen wordt altijd rekening gehouden met competentie en/of omstandigheden van de betreffende leerkracht. Hiermee bedoelen wij dat de leerkracht om moet kunnen gaan met de geconstateerde problemen en dat het kind ook past binnen de groep. Tevens nemen wij ook in overweging dat leerkrachten van de vervolggroepen om moeten kunnen gaan met de specifieke problematiek van het kind. Indien er een kind met leerling-gebonden financiering wordt aangemeld en de school besluit dit kind in te schrijven dan is dit altijd een voorlopige inschrijving/plaatsing van 6 maanden. Gedurende deze periode wordt bekeken of de school dit kind de noodzakelijke zorg kan bieden. Tijdens deze periode is er veelvuldig contact tussen school, ouders en bestuur. Mocht na 6 maanden blijken dat die noodzakelijke zorg onvoldoende kan worden geboden, dan behoudt de school zich het recht voor niet over te gaan tot definitieve plaatsing en dienen de ouders een andere geschikte school te zoeken. Voorafgaand aan (voorlopige) plaatsing dient het bestuur alle noodzakelijke aanpassingen te hebben gedaan.
4.6. Orthoteam
De school maakt gebruik van het ortho-team.
Het ortho-team bestaat uit negen orthopedagogen die het schoolteam ondersteuning bieden
bij het vormgeven van onderwijs “op maat”. Immers, kinderen zitten samen in een groep, maar zijn stuk voor stuk verschillend en hebben ook verschillende onderwijsvragen.
Met behulp van het ortho-team willen we bereiken dat de zorg voor alle kinderen op onze scholen nog beter kan worden uitgevoerd.
De werkzaamheden bestaan uit:
- Het doen van observaties in de klas van kinderen en /of leerkrachten. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van video-opnames die met de leerkrachten worden besproken. Het spreekt vanzelf dat de beelden alleen voor intern gebruik zijn. Wanneer het gaat om opnamen van uw zoon of dochter zal uiteraard via school uw instemming worden gevraagd.
- Het doen van individueel onderzoek bij kinderen om de sterke en zwakke kanten van de leerlingen in kaart te brengen zodat leerkrachten de kinderen beter kunnen begeleiden bij het leren en bij de sociaal – emotionele ontwikkeling.
- Ontwikkelen van (groeps)handelingsplannen in overleg met leerkrachten en intern begeleiders zodat de leerstof en de instructie past bij het ontwikkelingsniveau van uw kind.
- Het begeleiden / coachen van leerkrachten, waarbij ook gebruik kan worden gemaakt van video – opnamen
- Begeleidingstraject groep 2 / 3:de kinderen van groep 2 en 3 worden gedurende een jaar gevolgd in het kader van vroegtijdige onderkenning.
Wanneer een kind individueel wordt onderzocht, is de school verplicht daarvoor uw toestemming te vragen. Ouders worden gevraagd een formulier in te vullen waarin zij gesignaleerde problemen kunnen toelichten. Het onderzoek start altijd met een gesprek met de ouders / verzorgers van het kind.
Na het onderzoek vindt er altijd een gesprek plaats met de ouders / verzorgers waarin de resultaten van het onderzoek worden toegelicht en afspraken worden gemaakt over de gewenste aanpak. Na het onderzoek wordt het plan van aanpak geëvalueerd met ouders, leerkrachten en de orthopedagoog.
De contacten met het ortho-team verlopen via de school.
4.7. Toetsen
Regelmatig worden de kinderen getoetst. Naast de methode-gebonden toetsen worden er ook nog methode-onafhankelijke toetsen afgenomen. Veelal zijn dit toetsen die ontwikkeld zijn door het CITO (centraal instituut voor toetsontwikkeling). De uitslag van een CITO-toets vertelt iets over het niveau van uw kind. Zoals u waarschijnlijk gewend bent werd uw werk vroeger beoordeeld met een cijfer (1 t/m 10). CITO werkt met de niveaus A, B, C, D, E.
A-score: goed tot zeer goed, 25% hoogst scorende leerlingen
B-score: ruim voldoende tot goed, 25% van de kinderen die net boven het gemiddelde scoort.
C-score: matig tot ruim voldoende, 25% van de kinderen die net onder het gemiddelde scoort.
D-score: zwak tot matig, 15% van de kinderen die ruim onder het gemiddelde scoort.
E-score: zwak tot zeer zwak, 10% van de kinderen behaalt deze score.
In de peutergroep wordt het taalniveau van de kinderen 2x getoetst. In de groepen 1 en 2 wordt taal voor kleuters en ordenen afgenomen. In de groepen 3 t/m 8 worden de kinderen getoetst op het gebied van technisch en begrijpend lezen, spellen, woordenschat en rekenen.
Het is ook belangrijk om de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen goed in de gaten te houden. Hiervoor gebruiken we de methode Zien.
In de groepen 1 en 2 worden de kleuterobservatielijsten ingevuld. Vanaf het schooljaar 2010-2011 is er voor deze groepen een nieuw leerlingvolgsysteem, Kijk, ingevoerd.
Eind groep 7 wordt de entree CITO-toets afgenomen. Deze toets meet de vorderingen die uw kind heeft gemaakt op gebied van taal, rekenen, wereldoriëntatie en informatieverwerking. De toets wordt op een aantal ochtenden in het voorjaar afgenomen. De toets wordt niet door de school beoordeeld maar wordt opgestuurd naar het CITO. Na ongeveer drie weken krijgt de school de uitslag van de toets opgestuurd. Ieder kind krijgt een eigen leerling-profiel, waarin staat wat de vorderingen zijn en wat het niveau is waarop het kind gepresteerd heeft. De uitslag wordt in een persoonlijk gesprek met u doorgesproken.
In groep 8 doen de kinderen die hiervoor in aanmerking komen mee aan de CITO-eindtoets.
De kinderen in groep 7 en 8 die werken met een speciaal of aangepast programma worden in november in overleg met de ouders getoetst. Daarnaast wordt er begin groep 8 de zogenaamde LAT-toets (leerachterstandentoets) afgenomen. Wanneer uw kind op deze toets een lage score behaald, kan een aanvullend capaciteitenonderzoek worden afgenomen (dit onderzoek wordt afgenomen door de ATLAS-groep). De ouders van deze kinderen krijgen een uitgebreide voorlichting en moeten altijd toestemming geven om hun kind mee te laten doen aan het capaciteitenonderzoek.
4.8. (Pre)-ambulante begeleiding
Sommige kinderen krijgen extra begeleiding van een leerkracht van een school voor speciaal onderwijs. Deze leerkracht (ambulant begeleider) werkt meestal 1x per week met het betreffende kind, geeft informatie en advies aan de groepsleerkracht, heeft overleg met de intern begeleiders, heeft ook contact met de ouders, maakt handelingsplannen en zoekt uit hoe kinderen met een eigen programma in de groep kunnen werken.
4.9. Preventieve logopedie
Sinds 1998-1999 is er een logopediste op school aanwezig. Zij is in dienst van de GGD.
De logopediste doet onderzoek voor de voorschool en zij geeft preventieve logopedie voor de groepen 1 t/m 3. Dit betekent dat alle kinderen van de groepen 1 t/m 3 een spraak-taalonderzoek krijgen. Er wordt niet uitgebreid behandeld.
De taken zijn:
- Onderzoek op het gebied van de spraaktaalontwikkeling: mondmotoriek, articulatie, gehoor, taalachterstand.
- Kortdurende begeleiding van kinderen.
- Informatiebijeenkomsten organiseren voor ouders en leerkrachten.
- Advies geven aan ouders en leerkrachten.
- Eventueel doorverwijzen naar een logopediepraktijk.
Als de logopediste zich zorgen maakt over de spraaktaalontwikkeling van uw kind, neemt zij direct contact op met de leerkracht en wordt u uitgenodigd voor een gesprek. U kunt altijd een afspraak maken met de logopediste als u vragen heeft.
4.10. Maatschappelijk werk
Er is een maatschappelijk werker aan onze school verbonden. Zij is in dienst van Doras en zij werkt een dagdeel in de week op onze school. U kunt ook bij haar terecht met vragen over relaties, opvoeden van uw kind, schulden enzovoort. De maatschappelijk werkster (mevrouw Veerle Ruis) heeft contact met de ouders, gaat op huisbezoek, overlegt indien nodig (alleen met uw toestemming) met de intern begeleider, de groepsleerkracht en de directie. Soms heeft ze ook gesprekken met kinderen. Als wij een kind aanmelden bij maatschappelijk werk, gebeurt dat altijd na uw toestemming. U kunt ook zelf contact opnemen met de maatschappelijk werker. U kunt naar school bellen voor een afspraak.
5. Doorstroom naar het voortgezet onderwijs
Waar krijgt u als ouder mee te maken:
- * De Kernprocedure
- * Het schooladvies
- * De CITO-toets
- * De Inschrijving
-
5.1. De kernprocedure
De kernprocedure geeft aan dat er meerdere adviezen nodig zijn voor het voortgezet onderwijs: het basisschooladvies en de Cito-eindtoets of de uitslag van het didactisch onderzoek. Daarnaast speelt aanvullende informatie die volgens de basisschool van belang is een rol.
De eerste stap om te komen tot het schooladvies wordt eind groep 7 gezet. Naar aanleiding van de entreetoets en de resultaten uit voorgaande jaren wordt een eerste gesprek gevoerd met betrekking tot het schooladvies.
Om de overgang naar het voortgezet onderwijs voor alle kinderen op de zelfde manier te laten verlopen, zijn er regels afgesproken waar zowel het basisonderwijs als het voortgezet onderwijs zich aan moeten houden. Het advies voor het voortgezet onderwijs zal uit twee adviezen bestaan: het schooladvies en de CITO-eindtoets-score. Alle kinderen van groep acht in Amsterdam moeten aan de CITO-eindtoets meedoen. Voor kinderen die naar het praktijkonderwijs of het leerwegondersteunend onderwijs gaan is deze toets te zwaar, bij hen wordt het capaciteitenonderzoek (o.a. didactisch onderzoek) afgenomen. Deze leerlingen doen tijdens de afname van de CITO-eindtoets de Niveautoets. Deze toets geeft ook een CITO-eindscore. De afname gebeurt digitaal.
5.2. Het schooladvies
De leerkracht maakt het schooladvies naar aanleiding van het werk dat uw kind op school maakt, de overhoringen en de toetsen van het leerlingvolgsysteem. De leerkracht beoordeelt ook persoonlijke factoren, zoals inzet in de les en doorzettings-vermogen en vormt zich zo een beeld. Op grond van alle gegevens over 8 jaar spreekt de leerkracht de verwachting uit dat uw kind de geadviseerde vorm van onderwijs met succes zal kunnen volgen en afmaken. Dit heet het schooladvies.
5.3. De CITO-toets
In februari wordt de CITO-eindtoets afgenomen om een onafhankelijk advies naast het schooladvies te hebben. De toets duurt 3 ochtenden en wordt op school afgenomen. Het gaat om taal, rekenen, informatie verwerking en wereldoriëntatie. De toets wordt in heel Nederland op dezelfde dagen gehouden. De school kijkt de toets niet zelf na. De formulieren worden naar het CITO opgestuurd, die alle toetsen van alle kinderen in Nederland nakijkt. In februari/maart krijgt de school de uitslag. Die wordt dan zo snel mogelijk aan de kinderen verteld en mee naar huis gegeven. De uitslag geeft voor elk vak punten en percentages. Alle punten samen opgeteld geven de uiteindelijke uitslag, de eindscore. De eindscore geeft aan voor welke vorm van voortgezet onderwijs, volgens de toets, uw kind geschikt is.
In Amsterdam hebben alle scholen met elkaar het volgende afgesproken:
Scholen voor voortgezet onderwijs laten leerlingen toe wanneer deze een bepaald schooladvies en CITO-eindscore hebben. Scoort het kind iets lager dan het schooladvies dan moeten de basisschool en de school voor voortgezet onderwijs met elkaar overleggen over de mogelijkheid van het kind om op deze school goede resultaten te kunnen behalen. Soms wordt een kind dan alsnog geplaatst. Wanneer een kind nòg lager scoort, en ouders willen toch dat hun kind naar een bepaalde vorm van onderwijs gaat, is aanvullend onderzoek verplicht en moeten de scholen met elkaar overleggen. Het kind is dan waarschijnlijk aangewezen op een andere vorm van voortgezet onderwijs.
5.4. Inschrijving scholen voortgezet onderwijs
Alle scholen organiseren open dagen en kennismakingsdagen. Het is heel belangrijk dat u met uw kind dit soort dagen bezoekt. Op een later tijdstip kunt u uw kind op een school inschrijven. U krijgt hiervoor van de basisschool een aanmeldingsformulier mee dat u op de school voor voortgezet onderwijs moet inleveren. Onderstaande tabel geeft richtlijnen.

Bijvoorbeeld:
Een kind dat een CITO-score heeft van 535 zal zonder meer naar het Theoretisch gerichte VMBO kunnen gaan.
Scoort een kind 528 en wil het naar deze vorm van onderwijs, dan is overleg tussen de scholen over de mogelijkheden van het kind verplicht.
Wanneer een kind minder scoort dan 526 is het mogelijk om aanvullend onderzoek te laten doen.
Wat is een school-scoregroep?
Met de CITO-uitslag worden ook de scholen op twee manieren met elkaar vergeleken:
- scholen worden vergeleken met het landelijk gemiddelde;
- alle deelnemende scholen met het landelijk gemiddelde van scholen uit de eigen schoolscoregroep.
Omdat leerlingen en omstandigheden natuurlijk niet op alle scholen hetzelfde zijn, kunnen scholen niet zomaar met elkaar worden vergeleken. Daarom zijn scholen onderverdeeld in zeven groepen: de schoolscoregroepen. Scholen uit groep 1 zijn scholen met bijna allemaal leerlingen met een Nederlandstalige achtergrond, scholen uit groep 7 zijn scholen met overwegend leerlingen met een niet-Nederlandstalige achtergrond.
De Berkelier is een groep 7 school en wordt vergeleken met andere scholen uit deze groep.
De CITO-eindtoetsscore van de Berkelier is gemiddeld over de laatste drie jaar: 533,4
6. Informatie aan de ouders
De ouders zijn in de eerste plaats verantwoordelijk voor de opvoeding van de kinderen. De school heeft de verantwoordelijkheid voor het onderwijs. Om opvoeding en onderwijs zo goed mogelijk op elkaar aan te laten sluiten, is een goed contact tussen de ouders en de school erg belangrijk. Een actieve en positieve opstelling van de ouders is van belang voor de schoolloopbaan van de kinderen. Om de ouders op de hoogte te houden van wat er op school gebeurt, zijn er verschillende informatiemomenten. U bent altijd welkom om over uw kind te komen praten. Het is prettig als u dan eerst een afspraak maakt, dan kan de leerkracht van uw kind de tijd nemen voor een gesprek. Als er iets op school gebeurt waar u meer over wilt weten, kunt u altijd contact opnemen met de leerkracht van uw kind. Wij stellen het zeer op prijs als u over schoolzaken wilt meedenken en meepraten. U kunt dan contact opnemen met de Schoolcommissie of de Medezeggenschapsraad (MR). Op onze school verwachten wij van ouders dat zij eventuele knelpunten op een constructieve manier bespreekbaar maken. Agressief, respectloos gedrag wordt niet getolereerd en wordt gemeld bij het bestuur.
6.1. Inloop
Aan het begin van het schooljaar is er een inloopochtend voor de ouders. De ouders kunnen kennismaken met de leerkrachten en ze kunnen de methodes en materialen komen bekijken. De kinderen vinden het fijn om aan hun ouders te laten zien wat er op school gebeurt. Als de ouders belangstelling voor school hebben, heeft dit invloed op het gedrag, de leerprestaties en de motivatie van de kinderen.
6.2. Ouderavond
Aan het begin van het schooljaar en halverwege het schooljaar wordt ook een ouderavond gepland. Op deze avond wordt een onderwijs- of opvoedkundig thema behandeld. Uw aanwezigheid op deze avond is erg belangrijk, u weet waar de school zich op richt en uw inbreng stellen we zeer op prijs.
6.3. Rapportbesprekingen
De kinderen van de groepen 1 t/m 8 krijgen 2x per jaar een rapport (in januari en juni/juli). In november worden alle ouders uitgenodigd voor een eerste gesprek..
Tijdens de rapportbesprekingen wordt er met de ouders over het werk, het gedrag en de vorderingen van de kinderen gepraat. Deze besprekingen duren ongeveer 10 minuten per kind. De rapporten mogen mee naar huis als ze besproken zijn met de ouders. Binnen een week moeten de rapporten ondertekend terugkomen op school. Als u over uw kind of over de school met de leerkracht of directie wilt komen praten, hoeft u natuurlijk niet te wachten tot de rapportbespreking. U kunt altijd een afspraak maken voor een gesprek of direct na schooltijd even langskomen.
6.4. Nieuwsbrief
Regelmatig wordt u via een nieuwsbrief op de hoogte gehouden van belangrijke mededelingen en de verschillende activiteiten in de school. In de nieuwsbrief staat b.v. actueel schoolnieuws, informatie over de studiedagen of wijzigingen in de kalender.
7. Praktische zaken
7.1. Compensatieverlof en/of bapo
De leerkrachten hebben recht op compensatieverlof. Dit betekent dat de leerkracht op een compensatiedag niet op school is. Sommige leerkrachten nemen hun compensatieverlof achter elkaar op en zijn dan een aantal dagen afwezig. We proberen de vervanging zo goed mogelijk te regelen.
Naast compensatieverlof bestaat het recht op bapo als je 52 jaar of ouder bent. Leerkrachten met bapo geven minder uren les per jaar en worden op die dagen vervangen.
7.2. Voor- en naschoolse opvang
Vanaf 1 augustus 2007 moeten ouders erop kunnen rekenen dat onze school de aansluiting met de kinderopvang heeft geregeld. De school heeft de voor- en naschoolse opvang ondergebracht bij de Tinteltuin, BSO De Kimme.
www.tinteltuin.nl of 0800 44 22 345
De tijden van de opvang zijn als volgt:
· Voor schooltijd vanaf 7:30 uur (gaat in per 16 oktober 2009)
· Na schooltijd tot 18:30 uur
· Op roostervrije dagen en andere incidentele vrije dagen.
· Tijdens de vakantieperioden
7.3. Overblijven op school
Alle kinderen eten vijf dagen per week op school. Voor richtlijnen voor eten en drinken, zie paragraaf 1.7 Schooltijden.
7.4. Schoolarts
De schoolarts onderzoekt de kinderen een aantal keer tijdens hun basisschoolperiode. Als uw kind door de schoolarts wordt opgeroepen, krijgt u altijd bericht. Regelmatig worden de ogen en de oren gecontroleerd. Ook kan de schoolarts advies geven over logopedie.
U kunt ook zelf de schoolarts opbellen als u vragen heeft.
Schoolarts:
Mevrouw Ingrid Erken
Wingerdweg 52
Amsterdam
020 555 57 36
7.5. Schooltandarts
De schooltandarts komt 2x per jaar op school. De kinderen worden pas behandeld nadat u een toestemmingsformulier heeft ingevuld. Als uw kind kiespijn heeft, kunt u zelf ook contact opnemen met de tandarts.
Schooltandarts:
Mevrouw Stephanie van der Graaf
020 616 63 32 / 020 634 02 37
7.6. Schoolmelk
Elke leerling kan deelnemen aan de schoolmelkvoorziening.
Uw kind kan kiezen uit volle melk, halfvolle melk, chocolademelk en drinkyoghurt. Voor inlichtingen of een inschrijfformulier kunt u terecht bij de administratie op maandag, dinsdag donderdag en vrijdag. Op de maandag en dinsdag na een vakantie wordt er geen schoolmelk bezorgd. Wilt u uw kind dan drinken meegeven?
7.7. Schoolverzekering
Kinderen zijn speels en daarom soms wat onvoorzichtig. De kans op een ongelukje is altijd mogelijk, met name tijdens het spelen op het schoolplein, tijdens gymlessen, sportdagen en schoolreisjes. Daarom heeft de ouderraad voor de kinderen een collectieve ongevallenverzekering afgesloten. De kinderen zijn verzekerd tijdens de schooluren en een kwartier voor en na schooltijd als ze onderweg naar school en huis gaan. Ook tijdens schoolreisjes en andere schoolactiviteiten geldt deze verzekering.
De school is niet aansprakelijk voor de eigendommen van de kinderen. Dat betekent dat het niet verstandig is als uw kind met dure kleren, sieraden, horloges, geld, speelgoed of computer-spelletjes op school komt.
7.8. Opvoedsteunpunt Het Zwanenmeer
In ons stadsdeel is een opvoedsteunpunt. Ouders met kinderen tussen de 0 en 18 jaar kunnen met vragen en problemen bij het opvoedsteunpunt terecht. Ook worden er themabijeenkomsten en cursussen georganiseerd, bv. ‘Opvoeden zo’ en ‘Omgaan met pubers’.
Adres Opvoedsteunpunt:
Het Zwanenmeer
Charlotte Schansman
Beemsterstraat 491
020 636 73 34 (bereikbaar van maandag t/m donderdag)
cschansman@kansweb.nl
7.9. Procedure gronden voor vrijstelling
Bij het aanmelden van uw kind heeft de directie u van alles verteld over het onderwijs dat op school gegeven wordt. Soms, bij hoge uitzondering, kunnen ouders de school vragen of het mogelijk is hun kind niet aan een bepaalde onderwijsactiviteit te laten deelnemen. De school beslist dit niet zelf, dat doet het schoolbestuur.
De directie van de school zal daarom het verzoek van de ouders aan het schoolbestuur doorgeven. De directie geeft het bestuur ook een advies over de aanvraag. Dit advies is van tevoren met de ouders doorgesproken. De directie geeft ook aan, wat naar de mening van de directie een zinvolle vervangende onderwijsactiviteit voor de leerling is, als het bestuur toestemming geeft.
Het bestuur zal u meestal schriftelijk laten weten of een verzoek ingewilligd wordt en op welke gronden het bestuur dit besluit genomen heeft.
7.10. Registratie van leerling-gegevens
In de administratie van de school worden gegevens van de leerlingen en hun toetsresultaten tot en met het behalen van een zwemdiploma opgeslagen. Deze gegevens worden door de school zelf gebruikt om de vorderingen van de leerlingen goed te kunnen volgen. Daarnaast worden ze eenmaal per jaar geanonimiseerd doorgestuurd aan het Amsterdams Monitorbedrijf. Vervolgens worden de gegevens bewerkt tot overzichtelijke rapportages op het niveau van de school, het schoolbestuur en het stadsdeel. De individuele leerling-gegevens zijn hierin niet meer terug te vinden. Het Monitorbedrijf is een voorziening van de gezamenlijke schoolbesturen.
8. Schoolcommissie en medezeggenschapsraad
8.1. Schoolcommissie
Dankzij de inzet van de schoolcommissie en veel andere actieve ouders is het mogelijk verschillende activiteiten te organiseren voor de kinderen. Voor vaste activiteiten zoals het begeleiden bij uitstapjes en het organiseren van feesten zijn veel ouders nodig. U kunt zich hiervoor altijd aanmelden. Nadere informatie kunt u krijgen op school en bij de schoolcommissie. Wij zijn met al uw hulp heel blij.
8.2. Ouderfonds
Een ouder beheert het ouderfonds, waaruit veel activiteiten worden betaald. Het gaat dan niet om de normale kosten voor het onderwijs, maar juist om die dingen die het voor de kinderen extra leuk kunnen maken, zoals een keer naar Artis, feesten en het schoolreisje. Op grond van artikel 40 van de Wet op het primair onderwijs mogen wij om een ouderbijdrage vragen. De schoolkosten voor uw kind bedragen inclusief het schoolreisje € 45,00 per kind per jaar. Voor groep 8 leerlingen geldt een ander tarief i.v.m. schoolkamp. U ontvangt hierover nog nadere informatie.
De helft van dit bedrag moet worden betaald voor 18 december. Kinderen waarvan de ouders niet betalen doen niet mee aan betaalde activiteiten en krijgen een alternatief programma.
8.3. Medezeggenschapsraad (GMR en MR)
Ouders en teamleden hebben wettelijk inspraak bij het gebeuren op school. Zij kunnen invloed uitoefenen op het beleid dat door bestuur en de directie wordt voorgesteld. De MR richt zich op schoolzaken, terwijl de GMR zich richt op het bestuur (Amos).
Gemeenschappelijke medezeggenschapsraad
Elke school heeft een MR waarin ouders en leerkrachten vertegenwoordigd zijn. Per school is maximaal één MR-lid vertegenwoordigd in de GMR. In de GMR zitten zowel ouders als personeelsleden. De GMR heeft als taak het beoordelen van het beleid van Amos dat voor alle of voor een meerderheid van de scholen geldt.
De medezeggenschapsraad
Zaken op schoolniveau worden voorgelegd aan de Medezeggenschapsraad (MR).
Onderwerpen van overleg zijn o.a.: het beleid met betrekking tot de formatie, de nascholing en de financiën. De directeur overlegt namens het bevoegd gezag met de MR van de school. Zij zorgt ook dat ze voldoende geïnformeerd zijn. De MR bestaat uit evenveel ouders als personeelsleden.
Wettelijk is vastgelegd op welke punten de personeels- en oudergeleding van de MR adviesrecht of instemmingrecht hebben.
8.4. Klachtenprocedure
Overeenkomstig de Kwaliteitswet heeft elk bestuur en elke school een klachtenregeling. Zowel de school als het bestuur spannen zich in een veilig schoolklimaat voor alle leerlingen te creëren. Een veilig schoolklimaat is in onze ogen de gezamenlijke verantwoordelijkheid van ouders en school. Voorwaarde is op tijd in gesprek gaan met elkaar als zaken mis (dreigen) te gaan. Ook goede afspraken en een duidelijke klachtenregeling dragen bij aan een veilig schoolklimaat.
Ons bestuur hanteert de klachtenregeling voor een veilig schoolklimaat. Een landelijke regeling die samengesteld is door de samenwerkende onderwijsorganisaties. Een exemplaar van de klachtenregeling kunt u bij de schooldirectie inzien.
In het kort komen de afspraken en de regeling hier op neer:
a. Behandeling op schoolniveau
Heeft u vragen over bijvoorbeeld een voorval op school, de begeleiding van kinderen op school of de manier waarop de school omgaat met kinderen en hen beoordeelt, dan kunt u een afspraak maken met de leerkracht. Een tweede mogelijkheid is dat u een afspraak maakt met de directie van de school. In heel veel gevallen worden bovengenoemde zaken op schoolniveau tot ieders tevredenheid afgehandeld.
b. Behandeling op bestuursniveau
Als uw vragen naar uw mening niet afdoende beantwoord worden, dan kunt u contact opnemen met het bestuur. Het bestuur hoort de betrokkenen en zal trachten met alle betrokkenen tot een oplossing te komen.
In een enkel geval komt het voor dat het gesprek op school niet goed meer mogelijk is. De directie heeft de opdracht dit onmiddellijk aan het bestuur te melden. Het bestuur zal dan duidelijke afspraken maken en ervoor zorgdragen dat in alle rust aandacht besteed kan worden aan de ontstane situatie om zo tot een oplossing te komen.
Het bestuur moet in een dergelijk geval een afweging maken tussen de belangen van alle betrokkenen in de school: de kinderen, de leerkrachten en de ouders.
c. Ernstige zaken of vermoedens (behandeling op bestuursniveau)
Er kunnen gedragingen of uitingen zijn op school die niet afdoende afgehandeld worden. Er kunnen ook gevoelige zaken zijn of zaken die te maken hebben met grensoverschrijdend gedrag.
Ouders en kinderen kunnen dan een beroep doen op de contactpersoon in de school, de (externe) vertrouwenspersonen van AMOS of de klachtencommissie. Contactpersonen zijn mensen die rechtstreeks aan de school verbonden zijn. Elke school heeft eigen contactpersonen. Contactpersonen zijn aanspreekpunt bij klachten, voor klagers die het eng vinden om naar de directeur te gaan, voor klagers die geen vertrouwen hebben dat de directeur zal ingrijpen, en eigenlijk is het ook handig zo’n klantenservice die klagers de weg wijst in de procedures en daarbij ondersteunt.
Onze contactpersoon op school is: mevrouw A. Oostendorp.
Gevoelige klachten of klachten betreffende grensoverschrijdend gedrag worden verwezen naar de leidinggevende of de externe vertrouwenspersoon.
AMOS heeft twee externe vertrouwenspersonen. Zij gaan met de melder of klager na of een gebeurtenis aanleiding geeft tot het indienen van een klacht bij het bevoegd gezag of de klachtencommissie. Het besluit om een klacht in te dienen ligt in beginsel bij de klager.
De externe vertrouwenspersonen zijn onafhankelijk van het bestuur en hebben een geheimhoudingsplicht.
De vertrouwenspersonen van AMOS zijn:
Mevr. José Welten Mevr. Gerrie Hooft van Huysduynen,
020 419 02 40 of 06 474 30 001 0294 23 13 24
j.c.welten@xs4all.nl hooftvh@kabelfoon.nl
De landelijke klachtencommissie onderzoekt de klacht en adviseert het bestuur over eventueel te nemen maatregelen. Uiteraard zal justitie haar eigen rechtsgang volgen.
Het adres van de Landelijke Klachtencommissie is:
Landelijke Klachtencommissie Primair, Voortgezet Onderwijs en BVE
t.a.v. Mw. Mr. A.C. Melis Gröllers
Postbus 694
2270 AR Voorburg
T 070 38 61 697
F 070 34 81 230
Meldplicht geweld
Bij klachten van ouders en leerlingen over de schoolsituatie, waar mogelijk sprake is van grensoverschrijdend gedrag jegens een minderjarige leerling is het bestuur verplicht om dit te melden aan de vertrouwensinspecteur. Onder grensoverschrijdend gedrag wordt verstaan seksueel misbruik, seksuele intimidatie, fysiek geweld, psychisch geweld, discriminatie of radicalisering.
Als er sprake is van een redelijk vermoeden van een seksueel misdrijf, dan is het bestuur verplicht aangifte te doen bij de officier van justitie.
Meldpunt vertrouwensinspecteurs 0900- 111 3 111,
voor klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik en ernstig psychisch of fysiek geweld of voor een onafhankelijk advies over deze onderwerpen.
Al deze instanties zullen het bestuur op de hoogte stellen van binnenkomende klachten en de afhandeling van procedures.
9. Bestuur
9.1. Het schoolbestuur
Introductie
Voor u ligt de schoolgids van de school waar uw kinderen dagelijks onderwijs ontvangen. Het informeren van ouders over de organisatie van de school, de inhoud van het onderwijs en wat het onderwijs toevoegt aan de mogelijkheden van uw kinderen is een taak van de school. De Wet op het Primair Onderwijs schrijft voor dat deze informatie aan de ouders gegeven wordt in de vorm van een schoolgids.
Het is voor u, en voor uw kinderen van groot belang goed geïnformeerd te zijn over de onderwijsactiviteiten en aanvullende activiteiten van de school. Dat maakt het gesprek over het schoolleven van uw kinderen en de ontwikkeling van uw kinderen zinvoller. Het biedt u tevens de mogelijkheid medeverantwoordelijk te zijn voor de schoolloopbaan van uw kinderen. Het bestuur van de school stelt jaarlijks de schoolgids vast nadat deze op school met de medezeggenschapsraad is besproken. De inspectie van het onderwijs controleert of de schoolgids voldoet aan de wettelijke eisen.
Het schoolbestuur
De school valt onder het bestuur van de stichting AMOS, dat wil zeggen de Amsterdamse Oecumenische Scholengroep.
Deze stichting bestuurt 32 basisscholen en 2 speciale basisscholen in Amsterdam. Het bestuur heeft een eigen administratiekantoor en een beleidsbureau.
Het adres van AMOS:
Gebouw Aeckerstijn, Baden Powellweg 305j,
1069 LH Amsterdam.
Tel. 020 410 68 10
9.2. De doelstellingen van het bestuur
Het bestuur van AMOS wil voor zijn scholen het volgende bereiken:
Alle 34 AMOS- scholen werken samen vanuit gedeelde waarden: professioneel, betrouwbaar, betrokken, open- minded en ondernemend. De missie en visie van AMOS vatten wij als volgt samen.
- vanuit een open, zoekende houding willen wij vanuit onze christelijke traditie bruggen slaan tussen culturen en godsdiensten.
- ondernemend leren heeft een sleutelrol in onze scholen,
- alle talenten worden erkend
- in onze scholen leren kinderen samenwerken
- scholen hebben een helder, eigen profiel dat voortvloeit uit de gemeenschappelijke visie
- betrokkenheid van ouders is voorwaarde
- wij willen een lerende gemeenschap zijn waarin mensen uitgedaagd worden te blijven werken aan hun professionele ontwikkeling
9.3. De taken van het bestuur
Het bestuur voert alle taken uit, die volgens de wet bij een schoolbestuur berusten. Tot deze taken behoren onder meer:
- het uitvoeren van de rol bij geschillen tussen bijvoorbeeld ouder en de school (zie ook klachtenprocedure)
- het bewaken van de wettelijke voorschriften en het bestuursbeleid die gelden bij het toelaten en verwijderen van leerlingen (zie ook de toelatingsregeling)
- het voeren van het overleg met de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad
10. Protocol voor nieuwe media
Sinds de school, televisie, video en internetfaciliteiten heeft, kunnen er beelden en programma's de school binnenkomen die wij ongeschikt achten voor leerlingen.
Te denken valt aan bepaalde uitingen van geweld, seks, drugsgebruik en racisme. Met name door de gemakkelijke toegang tot internet, is het risico van het binnenhalen van disrespectvol en ongewenst materiaal groot.
De school staat op het standpunt dat ongewenste uitingen zoveel mogelijk moeten worden voorkomen, zonder de leerlingen alle verantwoordelijkheid uit handen te nemen. De school ziet een mogelijkheid om leerlingen, onder begeleiding, eigen verantwoordelijkheid bij te brengen.
Het omgaan met internet wordt op zich, als leerpunt binnen de school gezien. Wij kiezen voor wat betreft het gebruik van internet dus voor het “pedagogisch” filter. De school confronteert kinderen niet bewust met bovengenoemde uitingen. De leerkrachten zullen leerlingen aanspreken op ongewenst (surf, chat en e-mail) gedrag.
Het personeel gebruikt internet vooral voor onderwijs doeleinden. Op school geldt voor al het personeel, dat het niet is toegestaan, sites op te roepen rond de thema’s geweld, seks en racisme welke niet aansluiten bij de pedagogische opdracht van de school.
Schoolafspraken
- De leerkracht bevordert het verantwoordelijkheidsgevoel bij leerlingen door de toegang tot internet en videobeelden te begeleiden.
- In de school is het gebruik van mobiele telefoons, mp3 spelers en aanverwante apparatuur niet toegestaan.
- De leerkracht stelt kinderen niet bewust bloot aan videobeelden van geweld, seks en racisme, die geen opvoedkundige bedoeling hebben (uitzondering is bijvoorbeeld het school tv weekjournaal voor groep 7 en 8, waarin oorlogssituaties worden behandeld).
- Bij het vertonen van videofilms wordt de leeftijdscategorie in acht genomen, met dien verstande dat films voor 12 jaar en ouder niet vertoond worden! De school ziet het als opvoedkundige taak om kinderen ervan bewust te maken waarom bepaalde uitingen niet door de beugel kunnen.
- De school probeert zo veel mogelijk te voorkomen dat ongewenste uitingen de school binnenkomen.
- Leerlingen mogen niet onbeperkt en onbelemmerd internetten; personeel van de school kijkt als het ware ‘over de schouder mee'.
- Internetten gebeurt niet zonder een leerkracht in de nabijheid.
- De school probeert de leerlingen bij te brengen welke zoekopdrachten wel en welke niet relevant zijn bij het zoeken naar informatie op internet. Alle kinderen vanaf een afgesproken groep krijgen een eigen e-mailadres. De school ziet erop toe dat hier verantwoord gebruik van wordt gemaakt.
- Chatten wordt slechts bij uitzondering toegestaan (bijvoorbeeld als onderdeel van een project).
- Ook bij het surfen op internet, bij e-mailgebruik en in het geval van chatten door kinderen is het beleid van kracht. Daarbij geldt dat het bewust zoeken van ongewenste uitingen en het gebruiken van schuttingtaal als storend wordt opgevat en dus consequenties voor de leerling heeft.
- Het is medewerkers van school niet toegestaan met leerlingen, buiten schooltijd te chatten.
- De ICT coördinator kan accounts van gebruikers inzien in verband met het beheren van het netwerk. Desgewenst kan hij accounts controleren op ongewenst gebruik van de computer.
- Bij het publiceren van fotomateriaal van kinderen in schoolsituaties zijn we zorgvuldig.. Belangrijk vinden we dat we een representatief beeld geven van de situatie bij ons op school en dat recht wordt gedaan aan de integriteit van elk individu.
- Op school is een regeling afgesproken hoe ouders bezwaar kunnen maken tegen het plaatsten van foto’s in schoolpublicaties: brochures, schoolgids, schoolwebsite. Heeft u bezwaar tegen plaatsing van foto’s, laat het ons dan weten.
- Als er zich onregelmatigheden voordoen, wordt dit altijd gemeld bij de ICT coördinator. Deze houdt hiervan een logboek bij. Op deze wijze krijgen we inzicht in het verkeerd gebruik van internettoepassingen.
Afspraken met leerlingen
- Geef nooit persoonlijke informatie door op internet zoals namen, adressen en telefoonnummers zonder toestemming van de leerkracht.
- Bezoek geen websites die niet aan de fatsoensnorm voldoen.
- Vertel het meteen aan de leerkracht als je informatie tegenkomt waardoor je je niet prettig voelt of waarvan je weet dat het niet hoort. Houd je je aan die afspraken dan is het niet jouw schuld dat je zulke informatie tegenkomt.
- Leg nooit verdere contacten vanuit school met iemand, zonder toestemming van je leerkracht.
- Verstuur bij e-mail berichten nooit foto's van jezelf of van anderen zonder toestemming van de leerkracht.
- Beantwoord nooit e-mail waarbij je je niet prettig voelt of waar dingen in staan waarvan je weet dat het niet hoort, het is niet jouw schuld dat je zulke berichten krijgt.
- Verstuur ook zelf dergelijke mail niet.
- Spreek van tevoren met je leerkracht af wat je op internet wilt gaan doen.
- Je mag geen aankopen doen via internetgebruik op school.
- Wanneer je via internet- e-mail of chat gepest wordt moet je dit aan je ouders, leerkracht of de vertrouwenspersoon van de school vertellen, net zoals bij andere problemen.
10.1. Video-opnamen
In het kader van het coachen van leerkrachten kan het mogelijk zijn dat er video-opnamen gemaakt worden in de groep van uw kind. Deze opnames zijn voor intern gebruik en zullen niet in de openbaarheid gebracht worden.
10.2. Procedure Toelating, schorsing en verwijdering
Om toegelaten te worden tot onze school, verwachten wij van ouders dat zij de christelijke of oecumenische identiteit van de school respecteren. Dit betekent dat alle kinderen, ook uw kinderen, deelnemen aan de godsdienstlessen, weekopeningen, kerst- en paasvieringen etc.
Soms gebeurt het dat een groep vol zit en een kind niet geplaatst kan worden. Dan schrijven we uw kind(eren) wel in, maar kunnen we de kinderen nog niet direct plaatsen. Deze kinderen worden op een wachtlijst geplaatst.
Voor jonge kinderen geldt dat U deze pas kunt aanmelden als zij minimaal 2 jaar oud zijn. Leerlingen worden pas op een wachtlijst geplaatst, als we binnen een jaar plaats hebben voor deze kinderen.
Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor het toelaten of het weigeren van een leerling.
Als een leerling geweigerd wordt, zal het schoolbestuur u schriftelijk uitleggen waarom uw kind(eren) geweigerd is (zijn). Ouders kunnen tegen deze beslissing schriftelijk bezwaar maken bij het bestuur. Het bestuur zal dan de ouders horen en weer een beslissing nemen.
We hopen het niet, maar soms gebeurt het wel…...dan gaat het tussen de school en een leerling niet goed. We spreken dan over een heel ernstige situatie.
Het bestuur kan een leerling schorsen voor een paar dagen of in een heel ernstige situatie van school verwijderen. Voordat deze beslissing genomen wordt, worden een aantal stappen gezet
- het bestuur hoort de leerkracht en eventueel de directie;
- het bestuur hoort de ouders;
- het bestuur besluit over te gaan tot schorsing of verwijdering;
- bij verwijdering moet het bestuur zich gedurende acht weken inspannen om een andere school voor het kind te vinden;
- lukt dit niet en het bestuur blijft bij het genomen besluit dan kan de leerling definitief verwijderd worden:
- de inspectie en de leerplichtambtenaar worden hierover ingelicht;
- ouders kunnen schriftelijk bezwaar aantekenen bij het bestuur;
in het uiterste geval kunnen ouders naar de rechter stappen
11. Informatie verzekeringen/aansprakelijkheid
Info verzekeringen/aansprakelijkheid ten behoeve van de schoolgids
De school heeft een verzekeringspakket afgesloten, bestaande uit een ongevallenverzekering en een aansprakelijkheidsverzekering.
Op grond van de ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen bij schoolactiviteiten (leerlingen; personeel; vrijwilligers) verzekerd. De verzekering geeft recht op een (beperkte) uitkering indien een ongeval tot blijvende invaliditeit leidt. Ook zijn de geneeskundige en tandheelkundige kosten gedeeltelijk mee verzekerd, voor zover de eigen verzekering van betrokkene geen dekking biedt (bijvoorbeeld door eigen risico). Materiële schade (kapotte bril, fiets etc) valt niet onder de dekking.
De aansprakelijkheidsverzekering biedt zowel de school zelf als zij die voor de school actief zijn (bestuursleden, personeel, vrijwilligers) dekking tegen schadeclaims ten gevolge van onrechtmatig handelen. Wij attenderen u in dat verband op twee aspecten, die vaak aanleiding zijn tot misverstand.
Ten eerste is de school c.q. het schoolbestuur niet (zonder meer) aansprakelijk voor alles wat tijdens de schooluren en buitenschoolse activiteiten gebeurt. Wanneer dit wel het geval zou zijn, zou alle schade die in schoolverband ontstaat door de school moeten worden vergoed. Deze opvatting leeft wel bij veel mensen, maar is gebaseerd op een misverstand. De school heeft pas een schadevergoedingsplicht wanneer er sprake is van een verwijtbare fout. De school (of zij die voor de school optreden) moeten dus te kort zijn geschoten in hun rechtsplicht. Het is mogelijk dat er schade wordt geleden, zonder dat er sprake is van enige onrechtmatigheid. Bijvoorbeeld tijdens de gymnastiekles een bal tegen een bril. Die schade valt niet onder de aansprakelijkheidsverzekering, en wordt (dan ook) niet door de school vergoed.
Ten tweede is de school niet aansprakelijk voor (schade door) onrechtmatig gedrag van leerlingen. Leerlingen (of, als zij jonger zijn dan 14 jaar, hun ouders) zijn primair zelf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Een leerling die tijdens de schooluren of tijdens andere door de school georganiseerde activiteiten door onrechtmatig handelen schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste plaats zelf (of de ouders) verantwoordelijk voor. Het is dus van belang dat ouders/verzorgers zelf een particuliere aansprakelijkheidsverzekering hebben afgesloten.